Functie int
De functie int creëert een nieuw getal vanuit
een bronobject. In de eerste parameter
geven we het object aan, waarvan we een getal zullen maken.
In de tweede optionele parameter
kan een numeriek formaat worden opgegeven (standaard
10).
Syntaxis
int(getal of string, [numeriek formaat])
Voorbeeld
Laten we met behulp van de functie int een
getal van een string maken:
txt = '123'
num = int(txt)
print(num)
Resultaat van de code-uitvoering:
123
Voorbeeld
Laten we nu van een stringwaarde een getal in octaal formaat maken:
txt = '0o12'
num = int(txt, base=8)
print(num)
Resultaat van de code-uitvoering:
10